Woonstbetredingen: politieke introspectie nodig

Ondanks alle maatschappelijke en juridische kritiek zet minister Van Bossuyt door met het wetsontwerp ‘woonstbetredingen’. Het ABVV veroordeelt dit als een ernstige aanval op de grondrechten en een gevaarlijk precedent voor de rechtsstaat en roept de regering op haar positie te herzien. 

Het wetsontwerp ‘woonstbetredingen’ passeerde al de ministerraad en is nu ook door de commissie Binnenlandse Zaken, Veiligheid, Migratie en Bestuurszaken goedgekeurd. De tweede lezing en effectieve goedkeuring is voor het najaar. Het ABVV benadrukt, net als vele andere organisaties, dat dit wetsontwerp disproportioneel is en in strijd met grondrechten. Het is een gevaarlijk precedent voor de rechtsstaat. 

“Dit wetsontwerp is door de vage bewoordingen, zoals de omschrijving ‘gevaar voor de openbare orde’, een opstap naar een gevaarlijk hellend vlak van willekeur”, benadrukt Bert Engelaar. “Willekeur die ons allemaal kan treffen en onze rechtstaat en democratie onderuithaalt.” 

Onder het mom van een zogenaamd "gerichte" maatregel banaliseert dit wetsontwerp gewelddadige inbreuken op de privacy en zorgt het voor een verdere criminalisering van nieuwkomers en degenen die hen solidariteit en steun betuigen.

Vorig jaar bevestigde de Raad van State opnieuw de kritiek die al in 2020 werd geformuleerd. Er is sprake van onevenredige inbreuken op de grondrechten: de onschendbaarheid van de woonplaats, het recht op privacy en op een gezinsleven en het recht op een eerlijk proces. De Raad duidt op onvoldoende bescherming van kinderen en derden, gebrek aan effectieve controle achteraf en het risico op verdoken huiszoekingen zonder de waarborgen die gelden in strafzaken.

In het parlement en de Kamercommissie Binnenlandse Zaken kwamen recent ook onderzoeksrechters, advocaten, de politie en het migratiecentrum Myria toelichting geven. Zij waren stuk voor stuk zeer kritisch voor het Arizona-wetsontwerp en signaleren fundamentele tekortkomingen zoals onvoldoende waarborgen, te ruime en willekeurige toepassing, en mogelijke strijdigheid met Europese regels zoals het proportionaliteitsbeginsel. De Gegevensbeschermingsautoriteit waarschuwt dan weer voor de onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens. 

“Er schort iets fundamenteels wanneer mensenrechtenorganisaties, onderzoeksrechters, politiediensten en advocaten je een spiegel voorhouden en stellen dat een wetsontwerp maatschappelijk én juridisch niet verantwoord is, maar je als minister en regering koppig volhardt”, zegt ABVV-voorzitter Bert Engelaar. “We roepen de regeringspartijen en hun parlementsleden op om ernstig te reflecteren en hun positie te herzien voor de tweede lezing bij de politieke rentree in september. Dit kan zo niet langer: beleid, en dus ook migratiebeleid, mag universele fundamentele rechten niet ondergraven.”