Inbreuken op het Sociaal Strafwetboek: verzwaring geldboetes vanaf 1 februari 2026

Gepubliceerd op

Vanaf 1 februari zal in toepassing van het regeerakkoord en met de steun van alle fracties in het parlement het bedrag van de strafrechtelijke boetes verzwaren middels een verhoging van de opdeciemen. De geldboetes voor inbreuken op het Sociaal Strafwetboek met een verzwarende factor worden eveneens verhoogd.

De wet van 19 december 2025 die deze maatregel invoert heeft de volgende doelstellingen:

  • inkomsten genereren voor de staatskas;
  • fraudeurs ontmoedigen en de sociale bescherming van werknemers waarborgen;
  • het afschrikkende effect van de boetes vergroten door de bedragen van alle boetes aan te passen aan de levenskost.

Verhoging van de opdeciemen

De ‘opdeciemen’ zijn een vermenigvuldigingsfactor die wordt toegepast op boetes. De boete die voorzien is in het Strafwetboek (of andere wetten) is niet de boete die de veroordeelde daadwerkelijk moet betalen. Deze wordt automatisch en verplicht vermenigvuldigd met een bepaald aantal opdeciemen, vastgelegd bij wet. Historisch gezien maakten deze het mogelijk om het bedrag van de boetes te verhogen zonder elke wet die een boete bevat te moeten wijzigen. Tegenwoordig wordt dit mechanisme nog steeds gebruikt om de boetes aan te passen aan de socio-economische context (inflatie, afschrikkend effect, enz.).

De in het wetsontwerp voorziene wijziging vervangt de huidige 70 opdeciemen (het bedrag van de boetes vermenigvuldigd met 8) door 90 opdeciemen (het bedrag van de boetes vermenigvuldigd met 10).

Concreet betekent dit dat 90 opdeciemen overeenkomt met 90 keer 10 %. Met andere woorden, de basisboete wordt met 900 % verhoogd. Dat komt neer op een vermenigvuldiging van het oorspronkelijke bedrag met 10 (het basisbedrag + 9 keer dat bedrag).

Voorbeeld:

Als de basisboete 100 euro bedraagt:

  • verhoging: 100 × 900 % = 900 euro
  • totaalbedrag: 100 + 900 = 1.000 euro

De boete komt dus neer op 100 euro × 10 = 1.000 euro.

Let op! Deze wijziging heeft betrekking op alle strafrechtelijke boetes (dus ook op verkeersboetes), dus niet alleen op boetes voor inbreuken op het Sociaal Strafwetboek. De wijziging geldt ook voor administratieve boetes, waaronder ook de boetes die zijn voorzien in het Sociaal Strafwetboek.

Wijziging van het Sociaal Strafwetboek

Ter herinnering: het Sociaal Strafwetboek voorziet in vier sanctieniveaus, waarbij niveau 4 het hoogste niveau is. Voor elk sanctieniveau kan de rechter boetes opleggen binnen een vork die in het Strafwetboek is bepaald. Het Wetboek gebruikt ook het begrip ‘verzwarende factor’ wanneer de inbreuk ‘wetens en willens’ werd gepleegd of bij geweld/bedreiging van een sociaal inspecteur. In geval van verzwarende factor wordt aan de rechter of de bevoegde administratie gevraagd om hiermee rekening te houden bij het bepalen van de sanctie die zal worden opgelegd. 

Vanaf 1 februari zal bij een inbreuk gepleegd met verzwarende factor, het bedrag van de strafrechtelijke boete of de administratieve boete niet minder mogen bedragen dan de helft van het maximumbedrag dat is vastgesteld voor niveau 4. Met andere woorden, in plaats van de rechter of de bevoegde administratie aan te moedigen om strenger te zijn wanneer er sprake is van een verzwarende factor zal het Sociaal Strafwetboek hen voortaan verplichten om strenger te zijn.   

In geval van een verzwarende factor moet het bedrag van de opgelegde boete uit deze vork gekozen worden (waarop de 90 opdeciemen reeds zijn toegepast): 

  • tussen € 35.000 en € 70.000 voor een strafrechtelijke boete (tegen € 4.800 tot € 56.000 vóór de nieuwe wet)
  • tussen € 17.500 en € 35.000 voor een administratieve boete (tegen € 2.400 tot € 28.000 vóór de nieuwe wet).

Let op! De verplichte drempel van de helft die door dit wetsontwerp wordt ingevoerd, is niet van toepassing op inbreuken waarbij de verzwarende factor al in aanmerking werd genomen om het sanctieniveau te verhogen tot een niveau lager dan niveau 4. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij het niet afsluiten van een wettelijke verzekeringspolis, het niet opmaken van de sociale balans en de inhoud daarvan of onjuiste of onvolledige verklaringen met betrekking tot de tijdelijke werkloosheid van een werknemer.

Wij verheugen ons over de verscherpte sancties die volgens ons zullen bijdragen aan de strijd tegen sociale fraude. Wij willen er echter ook aan herinneren dat de verhoging van deze bedragen op zich geen daadwerkelijk afschrikkend effect zal hebben en dat de volgende acties eveneens zullen moeten worden doorgevoerd:

  • de sociale inspectiediensten kwantitatief en kwalitatief versterken om de ‘kans om gepakt te worden’ te vergroten;
  • meer middelen inzetten om de daadwerkelijke inning van opgelegde sancties te waarborgen, met name wanneer het buitenlandse ondernemingen betreft. 

Auteur: marie.hanse@abvv.be