Onnodige uitbreiding openingsuren verhoogt flexibiliteitsdruk
Gepubliceerd op
Voorgesteld als een economische maatregel verhogen de uitbreiding van de openingsuren en de afschaffing van de wekelijkse sluitingsdag de omzet niet. Ze verhogen daarentegen wel de druk op flexibiliteit, ondermijnen de voorspelbaarheid van de werkroosters en tasten het evenwicht tussen werk en privéleven van werknemers in de handelssector aan.
Begin oktober 2025 werd de Nationale Arbeidsraad (NAR) om advies gevraagd over een voorontwerp van wet dat de reglementering inzake openingsuren wijzigt.
Het voorontwerp schaft de verplichte wekelijkse sluitingsdag af en verruimt de openingsuren tot 21u (tot nog toe is de algemene regel dat handelszaken tot maximaal 20u open kunnen zijn, en op vrijdag en voorafgaand aan een feestdag tot 21u).
Langs werkgeverszijde beweerde men dat de voorgestelde maatregelen louter economisch van aard zijn en dat daardoor de NAR geen advies diende uit te brengen.
Het zal niet verbazen dat we als vakbonden wel een duidelijke (negatieve) impact zien voor de betrokken werknemers.
Finaal werd in december een (verdeeld) advies uitgebracht.
Geen impact op omzet handelszaken
In het advies verwijzen we eerst en vooral naar het standpunt van de consumentenorganisaties, die in een eerder over dit onderwerp binnen de CRB uitgebracht advies (CRB 2025-1850) aanvoeren dat uit studies van de OESO en de Europese Commissie blijkt dat de voorgestelde maatregelen geen toename van de omzet opleveren, aangezien het globale uitgavenvolume stabiel blijft en klanten gewoon hun aankoopmoment aanpassen/verschuiven.
Wat net meer kosten met zich meebrengt voor de handelszaken en de noodzaak om deze maatregelen door te voeren onderuithaalt.
Verhogen flexibiliteitsdruk
Op sociaal vlak verhogen de voorgestelde maatregelen echter de flexibiliteitsdruk in de detailhandel. De betrokken werknemers zullen vaker op onregelmatige tijdstippen moeten werken, waaronder avonden en weekends, waardoor de voorspelbaarheid van hun werkroosters afneemt.
Wat meteen ook het risico op vermoeidheid, ziekte en burn-out vergroot, en dit in een sector waar werkdruk en personeelskrapte reeds hoog zijn.
Slechts 50,6% werknemers in klein- en groothandel ervaart geen werkbaarheidsknelpunten.
We wijzen ook op het feit dat sociologen zich al langer de vraag stellen of het wel aangewezen is om in onze maatschappij, waarin zoveel mensen klagen over stress en tijdsdruk, gemeenschappelijke rustdagen af te bouwen.
Als elke dag een werkdag zoals alle andere wordt, gaat onze levenskwaliteit er immers op achteruit.
Voor veel werknemers is die rustdag essentieel voor gezinsleven en herstel.
Het wegvallen ervan bemoeilijkt de organisatie van kinderopvang en sociale activiteiten, en vergroot de druk om steeds beschikbaar te zijn.
Wat haaks staat op het maatschappelijke streven om werk en gezin beter te combineren.
Door de uitbreiding van de openingsuren tot 21u worden avonduren, traditioneel voor privéleven, vaker ingenomen door werk.
Wat negatieve gevolgen met zich meebrengt voor het psychosociaal welzijn van werknemers.
Voorspelbaarheid (vrijwillige) sluitingsdag
We geven ook mee dat, als er wars van de vooropgestelde afschaffing, besloten zou worden door een onderneming om toch een wekelijkse sluitingsdag in te stellen, het net ter wille van het evenwicht tussen werk en privéleven van de werknemers, en om ietwat tegemoet te komen aan de Europese richtlijn nr. 2019/1152 van 20 juni 2019 betreffende transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden in de Europese Unie, aangewezen zou zijn dat in dergelijk geval de sluitingsdag minstens een bepaalde periode (bijv. 3 maanden zoals vandaag het geval is) aangehouden dient te blijven.
Zodanig dat niet week 1 de sluitingsdag op maandag valt, week 2 op woensdag, week 3 op dinsdag, week 4 op donderdag, enz....
Hetgeen de werknemers in de kleinhandelszaken zou toelaten tijdig de sluitingsdag in hun bedrijf te kennen en hun privéleven eraan aan te passen.
Noodzaak elektronische arbeidstijdregistratie
We benadrukken tevens dat de beoogde verruiming van de openingsuren en afschaffing van de sluitingsdag, nog meer tot de invoering van een elektronisch systeem voor de registratie van de dagelijkse en wekelijkse arbeidstijd nopen.
Op die manier kan er onder andere voor worden gezorgd dat de werkgever zijn meest elementaire verplichtingen inzake arbeidsduur nakomt, met name wat het in acht nemen van rust- en pauzetijden en het presteren van overuren betreft.
Ondermijnen bestaande afspraken
Als laatste wijzen we erop dat de voorgestelde hervorming bestaande afspraken op sectoraal en ondernemingsniveau over werktijden, rustdagen en compensatie onder druk zet.
Een uniforme verruiming van de openingsuren en het schrappen van de rustdag dreigen deze afspraken te ondermijnen en zorgen voor onzekerheid over de toepassing van beschermingsmechanismen. Dergelijke ingrepen mogen niet leiden tot een uitholling van collectieve rechten. Indien de wetgever meer flexibiliteit wil toestaan, moet dit gepaard gaan met bindende garanties inzake compensatierust, vrijwilligheid bij avond- en weekendwerk, en een versterking van het sociaal overleg op ondernemingsniveau.
Auteur: Lander.vanderlinden@abvv.be